associatiespel

verantwoording

Dit is een leuke openingsvorm, waardoor je er meteen achter komt welke vooroordelen bestaan over homoseksualiteit. De werkvorm is bruikbaar op elk niveau. Alle leerlingen worden actief bij de les betrokken. De werkvorm biedt meer dan voldoende gesprekstof voor de voorlichting.

nodig

spelregels en begeleiding

Elke leerling schrijft op een flap een opmerking die hem/haar het eerst te binnen schiet bij het woord homoseksualiteit. Een variatie hierop is: elke leerling schrijft één vraag op die hij/- zij heeft over het onderwerp homoseksualiteit.

Na 5 minuten worden de flappen opgehangen en de opmerkingen en vragen hardop voorgelezen. Het valt dan waarschijnlijk al op dat veel vragen en opmerkingen elkaar overlappen. Aan de hand van de flappen kan een onderwijsleergesprek plaatsvinden. De docent(e) dient het gesprek af en toe samen te vatten en opgeschreven associaties met elkaar in verband te brengen.

Het is vaak niet mogelijk om in één les alle opmerkingen en vragen te bespreken. Je kunt de leerlingen een keuze laten maken.

Niet te lang over één associatie praten. De docent(e) zorgt voor een soepele overgang van de ene associatie naar de andere.

Als leerlingen geen associatie hebben of geen vragen weten te verzinnen kan het soms helpen om een voorbeeld te noemen.
Je kunt ook zeggen dat je niets gek vindt, dat ze alles wat ze willen weten op kunnen schrijven. De docent(e) moet zich goed ingelezen hebben.